Aan de vooravond van de Nationale Herdenking in Nederland en het Merdeka gedruis in
Indonesië, is het goed bij die roerige dagen van augustus 1945 stil te staan. In hoofdstuk
XXII en XXIII kun je lezen hoe ik dat in mijn roman verwerkt heb met Danny en Nanda.
De atoombommen op Hiroshima en Nagasaki vallen op 6 en 9 augustus. Op 9 augustus
worden Soekarno en Hatta (S&H) met spoed door Hisaichi Terauchi, de Japanse
opperbevelhebber voor Zuidoost-Azië, naar Dalat (Vietnam) gecommandeerd. Met
tussenstops van S&H in Singapore en Saigon maakt Terauchi op 12 augustus bekend
dat Tokio besloten had Indonesië de onafhankelijkheid te geven met ingang van 24
augustus. Terauchi weet van de bombardementen af, maar Soekarno niet. Wel bevroedt
deze dat er iets ernstigs heeft plaats gevonden, gezien het feit dat hij overhaast bij de
hoogste militair werd opgetrommeld. Op 14 augustus keren S&H terug in Djakarta en
worden toegejuicht door duizenden mensen.

Op 15 augustus, 10u Indonesische tijd, kondigt keizer Hirohito de capitulatie van Japan
af. Soetan Sjahrir, die de illegale Nederlandse zender vanuit Brisbane afluistert, is de
eerste die van de capitulatie hoort en brengt het bericht over aan S&H. Het
Indonesische volk wordt aanvankelijk onkundig gehouden van de capitulatie en ook
degenen die in de jappenkampen zitten opgesloten horen het veelal pas (meer dan) een
week later, wanneer geallieerde vliegtuigen strooibiljetten boven de kampen uitwerpen.
Nu de belofte van de Japanners waardeloos is geworden, dringen Sjahrir en de jonge
garde van de nationalisten, de pemoeda, er bij S&H op aan onmiddellijk de
onafhankelijkheid uit te roepen. Maar S&H houden vast aan de 24e augustus. Dat leidt
tot een hooglopend conflict, waarbij enkele jongeren hen ontvoeren naar
Rengasdengklok, 80 km ten oosten van Djakarta. De volgende namiddag, 16 augustus,
worden ze teruggebracht naar het huis van de Japanse schout-bij-nacht Maeda, die S&H
al langere tijd kende, en sympathiek tegenover het onafhankelijkheidsideaal stond.
Daarmee gaat hij in tegen het bevel van zijn superieuren om de door de geallieerden
bevolen status quo te handhaven.

Aan het opstellen van de zeer korte tekst, de Proklamasi, gaan vele uren van
onderhandelen vooraf tussen de oudere en jongere garde. Bij het krieken van de morgen
is de tekst klaar en na een korte inleiding leest Soekarno in zijn tuin, in bijzijn van Hatta,
om 10 uur de Proklamasi voor; vrijdag 17 Augustus 1945. Pas twee dagen later dringt het
nieuws door in Soerabaja, waar het door Boeng Tomo wordt bekengemaakt.

 

 

 

 

 

 

 

 

Wij, het Indonesische volk, verklaren hierbij Indonesië onafhankelijk.
Alle aangelegenheden betreffende de overdracht van de macht en dergelijke
zullen zorgvuldig en binnen de kortst mogelijke termijn worden geregeld.

Djakarta, 17 augustus 1945
Vertegenwoordigers van het
Indonesische volk

Over de doorgehaalde woorden “overdracht” en “geregeld” is lang gebakkeleid.

En de Nederlanders? Die hebben geen flauw benul van wat zich de afgelopen jaren in
Indië heeft afgespeeld. Van Mook, de luitenant-Gouverneur -Generaal in Brisbane,
telegrafeert op 20 augustus aan Den Haag dat de Japanse opperbevelhebber een
Republiek lijkt te willen uitroepen. Een dag later ontvangt hij de tekst van de Proklamasi
en schrijft in de kantlijn:

“De laatste wanhoopskreten van de zich verloren wetende Soekarno.”

De rest is geschiedenis.