Je hebt je boek geschreven. Je weet wat de titel is en dan moet je je een
beeld gaan vormen van de omslag van je boek. Je bent als schrijver meer
talig dan beeldend, dus de achterflap is niet zo moeilijk, die is allang min of
meer klaar, en heeft als richtsnoer gediend voor de inhoud van je verhaal.
Maar de voorkant…
Als je naar de boekwinkel gaat en je neemt al die covers in je op, stuit je op
verschillende soorten omslagen. Wat spreekt je dan aan? En wat zal je
doelgroep aanspreken? Die bloemetjes met dat huisje aan een meertje? Die
vrouwenhoofden? Die non-figuratieve, veelkleurige voorkant, dat detail van
een bekend schilderij, die koeienletters van de titel of de schrijver of die
eenzame man tegen de achtergrond van een bekende skyline? Om maar
wat te noemen.
Ik gaf dertig steekwoorden op aan mijn vormgever, zoals: schuld en eer,
vertekende herinneringen, schaapskooi & moskeetje et cetera. Bovendien
moesten de inhoud van de roman en de sfeer van het opgeroepen beeld
met elkaar in overeenstemming zijn. Hij kwam met een tiental ideeën:

Gewapend met de vraag: “Als je zonder doel een boekwinkel binnenloopt,
door welke omslag word je dan getroffen?” sprak ik met 64 bekenden en
onbekenden, onder wie een negental boekhandelaren. De nummers 6 en 7
deden het verrassend goed, maar de boekhandelaren sabelden het neer: no
go, teveel Havank of thriller. Het idee van de spiegel met een kogelgat (1 en
vooral 2) had ook veel aanhangers, daar gingen we op verder en de
gescheurde titel van nummer 8 hielden we aan. Ja: we, want ik had intussen
de smaak van het klussen met AI aardig te pakken, wellicht tot wanhoop
van de vormgever. Toch doet AI maar niet alles wat je vraagt en persisteert
het soms bij het eigen idee. Zo is het me bij geen van de drie AI modellen die
ik heb gebruikt, gelukt om de streep door de titel te veranderen in een
scheurlijn. Plotseling veranderde het logo, terwijl je toch echt hebt
opgegeven: “niets veranderen, alleen het kogelgat kleiner maken”, terwijl
het kleinere kogelgat opeens in de titel stond. Zo ontstond langzaam het
beeld van een oude man die in een ouderwetse ovalen spiegel twee van zijn
jongere ikken tegenkomt in hun toenmalige omgeving.
Ook de ondertitel was een hele exercitie, want je moet in zo weinig mogelijk
woorden de kern van het verhaal beschrijven. In één oogopslag moet
duidelijk zijn waar het verhaal over gaat. Ik heb de woorden verzet(ten) en
bezetting (bezetten) nooit in het kort een goede tegenstelling kunnen geven
(“van verzetten naar bezetten” misschien?) en heb uiteindelijk gekozen
voor: “De verzetsheld die bezetter werd”. ‘Dat geeft wel meteen aan hoe je
over Nederlands-Indië denkt,’ merkte iemand op. Ja, dat is zo, juist daarom.
Tenslotte, de steunkleur. Grauw, zwart of hemelsblauw (met wolken).
Zwart vond ik te somber, wel passend bij het verhaal, maar minder
commercieel. Hemelsblauw was weer wat te simpel en geeft te weinig
contrast met de spiegel. Nou ja, je weet wat het geworden is: grauw.

Misschien wordt het in een volgende druk toch zwart.
Weet je wat? Plaats hieronder een reactie of ga naar mijn website pieterdenooij.nl |
n geef bij Blog 3 zelf je voorkeur aan of je mening over de omslag.
Recente reacties